Sluiten

Vakantieruil


Nico glijdt op zijn buik over de tegels. Dat moet je wel als je geen benen of pootjes hebt. Op je buik glijden bedoel ik! En daarom doet Nico dat ook, want Nico is een naaktslak.

Zelfs zegt hij dat nooit: ‘naakt-slak’. Want Nico is een slak die het heel hoog in zijn bolletje heeft. “Náákt-slak,” zo zegt hij altijd, “náákt-slak is mij veel te ordinair. Ik ben een naturèl-slak, of zo u wilt een naturist-slak. Dat is een veel nettere benaming dan die met meteen al dat blóót er in!”

Toch heeft Nico nu iets op zijn rug. Het ziet er uit als een rugzakje gemaakt van opgerolde blaadjes. Maar heel precies kan ik het niet zien, daar is het pakketje veel te klein voor.

Ik kan wel zien dat Nico flink zijn best doet, want hij heeft in die paar minuten dat ik kijk alweer bijna een halve tegel afgelegd. Wel zo’n 12 centimeter. Dat schiet dus flink op. Voor een slak dan, natuurlijk, want heel langzaam aan doen heet bij ons mensen niet voor niks “een slakkengang”.

Maar als Nico zo in een dag of twee het hele pleintje oversteekt, nou dan denkt hij al dat hij dik in het buitenland is … Hé ja, dat zou kunnen natuurlijk, dat hij op vakantie is! Dan is een rugzakje ook wel logisch ineens. Ik neem me voor maar eens extra goed op te letten om daar alles van te weten te komen. Dus ga ik elk kwartier even naar buiten en zie dat Nico dan alweer zowat een tegel verder is.

Een uurtje later zie ik van schuin opzij nóg een slak aan komen kruipen. Een huisjesslak. Over een half uur komen ze elkaar zo ongeveer tegen, dan kijk ik weer. En ja hoor, dan zien ze elkaar. Nu gauw bukken en mijn oor er vlak boven hangen:

“Hé Nico, wat heb jij een haast. En wat heb je daar op je rug. Je bent toch een naakt - eh, sorry, ik bedoel naturèl-slak. En waar ga je naar toe?”

“Oh, hallo Hennie Huisslak. Wat een vragen ineens. Ik ga gewoon op vakantie. En dit is mijn rugzak.”

“Wat is dat, een rugzak?”

“Ja, dat weet jij misschien niet want jij hebt altijd je hele huis bij je. Maar ik heb dit van de mensen afgekeken. Je weet wel, die hoog-benige figuren in die kakelbonte kleuren die altijd haast hebben en waarvoor je goed uit moet kijken anders gaan ze boven op je staan. Zulke mensen hebben rugzakken als ze iets mee willen sjouwen op vakantie. Ze doen er vaak ook een tent in.”

“Een tent? Wat is een tent?”, vraagt Hennie.

“Nou, dat heb ik juist extra goed afgekeken: een tent is een slaaphuisje van dun spul met stokken eronder. Daar slaap je dan lekker droog in. Ik ben dus nu even geen naturèl slak meer, ik ben nu een kampeer-slak!”

“Goh, Nico, dat lijkt mij ook heel leuk! Juist omdat ik altijd al mijn huis bij me heb, heb ik niet gauw een vakantie gevoel. Met vakantie zijn is nu juist zo leuk als dan alles ánders is, vind je ook niet?”

Tja, daar moest Nico Hennie wel gelijk in geven. Als je vakantie precies zo is als thuis, dan voel je je veel minder uit, da’s logisch. Maar Nico is een slimme slak. Hij dacht er een tijdje over na en vroeg toen aarzelend: “dat huisje van jou – kan dat er eigenlijk ook af?”

Hennie schoot in de lach. “Gek dat je dat nu vraagt, want het hoort er natuurlijk niet af bij een huisjesslak. Maar bij mij kan het er wel af. Kijk, hier met dit beugeltje … ”

“Dan heb ik een heel goed idee,” zei Nico en hij fluisterde Hennie een heleboel in z’n slakkenoortje dat ik niet kon verstaan.

En toen … Toen zag ik dat Hennie onder zijn huisje vandaan kroop! En Nico legde zijn rug-pakketje af. Daarna maakte Hennie met veel gefriemel zijn eigen huisje met een soort riempje vast op de rug van Nico en kreeg hij het rug-pakketje van Nico op zijn rug gebonden!

“Zo,” zei Nico, “nu ben jij een echte kampeer-slak. En ik ben nu een caravan-slak.”

“En dat zijn we allebei nog nooit geweest,” stemde Hennie voldaan in, “trouwens: zo’n rugzakje met tent is lekker licht zeg, dat geeft me al een vakantie gevoel!”

“Je hebt wel gelijk, maar een caravan is weer veel deftiger denk ik en da’s ook mooi! Wel, we zien elkaar over drie weken weer op deze tegel.”

“O.K. Dag Nico Caravanslak. Pas terugkomen als je mooi bruin bent, hè!”

“Dag Hennie Kampeer, heb jij maar veel mooi weer!”

Zo gingen ze uit elkaar. Elk op vakantie. Met een slakkengangetje. Elk een kant op.

Dus als je binnenkort een slak ziet, kijk dan goed. Heeft hij een rugzakje van omgevouwen blaadjes op, dan is het Hennie. Tijdelijk zonder huisje. En heeft hij wel een huisje op, maar zit dat met een heel dun riempje onder z’n buik door vast, dan is het Nico. Tijdelijk mét onderkomen.

Allebei op vakantie. Nu wij nog!